Hoe een jongen droomt van een carrière als journalist, maar gaat werken als voorlichter, bij toeval in het theater terechtkomt en uiteindelijk communicatietrainer wordt.
Als puber wilde ik dolgraag journalist worden. Al schrijvend de wereld veroveren. Mensen interviewen, gebeurtenissen en ontwikkelingen toelichten en analyseren. Mijn schrijfcarrière begon met de schoolkrant. Kort daarna richtte ik samen met andere scholieren de inter-scholaire krant Rebel op. Daarin schreven we over onderwijs, politiek en maatschappij.
Waan
Ik bezocht de School voor de Journalistiek in Utrecht, destijds nog een
redelijk rood bolwerk. De dagbladjournalistiek waarvoor ik werd
opgeleid viel me tegen. Te veel waan van de dag. Vandaar dat ik een
baan vond als voorlichter. Bij een landelijk bureau voor het
ouderenbeleid in Den Haag. Ik gaf zowel mondelinge als schriftelijke
voorlichting. Schreef ook artikelen en interviews in het eigen
huisblad, Leeftijd.
Kriebels
De vele externe contacten gaven me voldoening. Ik had een spilfunctie:
journalisten, ouderenwerkers en beleidsmakers hongerden naar
informatie.
Na enkele jaren kreeg ik echter kriebels. Ik besloot te gaan studeren.
Geschiedenis, eerst in Rotterdam later in Amsterdam. Met taal en
cultuur als specialisatie. Tijdens deze studie ben ik gaan freelancen.
Als journalist en tekstschrijver.
Spel
Bij toeval stuitte ik op het theater. Schreef me in voor cursussen
spel, dramaturgie, stem en regie. Docenten adviseerden me:
’Jij moet gaan trainen, daarvoor ben je geknipt’.
Aldus geschiedde. Ik volgde nog een korte opleiding tot trainer aan het
Instituut voor Toegepaste Voorlichtingskunde van de Wageningen
Universiteit. Daarna ben ik begonnen met trainingen ontwikkelingen en
geven.
Dat is nu tien jaar geleden.
Touw
Terugkijkend denk ik: hoe mooi, alle losse draden vormen nu een stevig
touw. Ik leer andere mensen inzichten en vaardigheden aan, schrijf over
communicatieaspecten en gebruik mijn theaterachtergrond bij mijn
trainingen spreken en verhalen vertellen.